ADVERTENTIE
ADV.
Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

Buiten rommelt het en flitst het. Er is onweer! De natuur weet er een flink spektakel van te maken. Maar niet alleen de natuur kan het, jij kunt het zelf ook! Met dit proefje maak je je eigen bliksem. 

Dit heb je nodig:

– Twee ballonnen
– Haar of een wollen trui
– Een donkere kamer

Bliksem maken, zo doe je het:

Stap 1: Blaas de ballonnen op en leg er een knoopje in.

Stap 2: Wrijf met de ballonnen over je haar of over een wollen trui.

Stap 3: Doe het licht nu uit.

Stap 4: Breng de ballonnen naar elkaar toe. Zie je een bliksemschichtje?

Tip: het moet écht donker in de kamer zijn om de bliksem te zien. Plak alle kieren in de kamer af!

Hoe komt dit?

Je hebt het misschien weleens gevoeld: soms krijg een klein schokje bij het vastpakken van bijvoorbeeld een deurkruk. Die is dan statisch geladen. Net als wolken waar de bliksem uitkomt.

Als je met een ballon over je haar of over een trui wrijft, raakt die ook geladen. Je merkt dat doordat de ballon bijvoorbeeld papiersnippertjes kan aantrekken. Houd je de ballonnen tegen elkaar, dan springt de statische lading over en zie je een vonkje. Het lijkt op bliksem, maar dan in het klein!

Bij onweer gebeurt hetzelfde. Een statisch geladen wolken komt in de buurt van een minder statisch geladen wolk en wil de energie springt over. Flits! Cool, hé?

En de donder dan?

De donder ontstaat door de bliksem. De lucht wordt in één klap flink verwarmd en daardoor zet-ie uit. Dat gebeurt zo snel dat het een knal veroorzaakt. Als jij een schok krijgt van de deurklink, of een wollen trui uitrekt, hoor je soms ook geknetter. Dat is hetzelfde als de donder, alleen dan in ’t klein.

Weten of je het kunt overleven als je getroffen wordt door de bliksem? Je leest het hier!

Foutje gezien? Laat het ons weten!